What Els?

27 11 2011

Het begon al een beetje te schemeren toen een donker meisje met opgestoken dreadlocks de bus instapte. “Goedemiddag”, zei ze opgewekt. Ze kreeg geen respons van de buschauffeur. “Anders zeg je even geen goedemiddag, Jezus!” riep ze. De hele bus kon het horen.

Ik zat zo’n beetje naast de buschauffeur en keek naar zijn gezichtsuitdrukking. Hij leek aangeslagen en was zich duidelijk van zijn kwaad bewust. Maar hij zei niks. Hij wierp een blik in de buitenspiegel en draaide de weg op. Een lange tijd zat ik zwijgend toe te kijken hoe de bus kilometers asfalt verzwolg, zonder besef van bestemming. Tot de bus stilstond. Er zat verder niemand meer in en ik constateerde dat ik was vergeten bij mijn halte uit te stappen.

“Weet je”, zei hij vanuit het niets. “Ik geloof niet dat je voor elkaar gemaakt kunt zijn, maar ik kan me niet voorstellen dat er nog iemand als Els is.” Ik knikte en wilde vragen wie Els was, maar die vraag was natuurlijk dom en ook onnodig. “Els en ik waren 23 jaar bij elkaar, jongen. 23 jaar. Dat is lang hè?” “Zeker.” “Nou, dat betekent wel wat; als je zo lang bij elkaar bent raak je met elkaar vergroeid. Dat kan beangstigend zijn, hoor.”

De buschauffeur was een jaar of 50. Hij droeg een slordige snor die langzaam grijs werd, net als zijn hoofdhaar dat strak naar achteren was gekamd. Hij sprak met een Nijmeegs accent. Ik was verzeild geraakt in een heuse biecht. “Toen Els en ik nog bij elkaar waren, kon ik de hele wereld aan, zo voelde dat. Ze had van die vrolijke pretoogjes. Nog steeds, trouwens. En grote borsten bovendien. Echt joekels, joh.” Ik grinnikte mee met een vervaarlijke bulderlach. “Els is iemand die precies weet wat ze wil. Ze kan enorm goed plannen en heeft echt discipline. Daar was ik altijd jaloers op. Ze deed wat ze zei en kon voor zichzelf doelen vaststellen die ze dan altijd nakwam. Dat kan ik dus niet.”

“Wat is er gebeurd?” vroeg ik. “Wat is er niet gebeurd, dat zou je beter kunnen vragen, jongen. Ik zei al: ik dacht dat ik de hele wereld aankon met Els. Nou, dat maakte me wat overmoedig. Ik ging vreemd toen we 17 jaar getrouwd waren. In december drie jaar geleden was dat. Gewoon om te zien of ik het nog had, weet je wel. Begrijp me niet verkeerd, ik voelde me er slecht bij. Heel slecht. Maar ja, ik kon niks zeggen tegen Els want dan zou ik alles kapot maken.”

Hij zuchtte. “Nou, de eerste maanden daarna gingen nog wel. Ik vergat wat ik gedaan had en ging verder met Els. We gingen op vakantie en zo. ’s Avonds vielen we in elkaars armen in slaap. We deden het ook nog vaak. Iedereen ziet Els als een rustige vrouw. Maar tussen de lakens lustte ze er wel pap van. Ze bleef niet alleen maar op d’r rug liggen zullen we maar zeggen. Seks met Els was geweldig leuk, daar kon ik de hele dag naar uitkijken.”

“Waarom ben je weg bij haar?” Die vraag lag inmiddels voor de hand. “Het begon te knagen, jong. Steeds vaker moest ik aan dat uitstapje met die dame denken. Niet omdat ik er nog eens naar verlangde, maar omdat ik er van walgde. Dit was Els. Mijn Els. De vrouw van mijn dromen. We deelden alles, echt alles. Ze harste mijn rug zelfs. Ik was nooit gegeneerd als ik bij Els was. Maar ja, toch had ik een geheim. Ik kon het niet meer voor me houden en heb het haar dus verteld.”

Ik stelde me voor hoe Els eruit zou zien. De dikke tieten kon ik me nauwelijks indenken, maar ze was waarschijnlijk iets gezet en zou haar haren los dragen. Ze zou zelfverzekerd en kordaat handelen en lief lachen. Zo’n buschauffeur valt op een lieve vrouw, dat moet wel.

“Ze was diep teleurgesteld in me natuurlijk. Het ging helemaal fout. Waar ik zo bang voor was gebeurde. Ze wilde me niet meer zien. Ik smeekte, ging op mijn knieën. Ik voelde me dondersslecht. Ik had het verpest.”

Weer een zucht. “Weet je, het werd allemaal heel ingewikkeld want ze analyseerde alles veel helderder dan ik. Ze kon niet bevatten hoe ik ooit nog tegen haar had kunnen zeggen dat ik van haar hield. ‘Je loog gewoon. Je hebt de hele tijd gelogen.’ Ze huilde niet eens als ze dat zei. Nu zijn we drie maanden uit elkaar en ik denk nog elke minuut van de dag aan haar.”

Hij startte de motor van de bus weer. “Waar moet je naartoe?” “Naar het station”, antwoordde ik. Hij reed weg. “Weet je welk woordgrapje ik niet uit mijn hoofd krijg? ‘What Els?’ Want het is voor mij gewoon Els en niemand anders op de wereld. Snap je hem? Sorry dat ik dit allemaal vertel, trouwens. Je bent nog jong. Hoe oud ben je, 23? Ik hoop dat je dit nooit hoeft mee te maken.”

Ik knikte. Een grote zoute druppel kroop langzaam vanuit mijn oog via de buitenkant van mijn rode wang naar beneden, en spatte uiteen op mijn broek, die de druppel absorbeerde.


Acties

Informatie

Eén reactie

28 11 2011
Lanne Oreis

Tsonge jonge, ik ben geraakt, jij weet waarom. Knap geschreven!

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s




Follow

Get every new post delivered to your Inbox.