‘Het enige dat écht zeker is, is dat alles onzeker is.’ Als je hier al bent afgehaakt, raad ik je aan voor een volgende blog terug te komen en deze even over te slaan. Het is een stelling uit mijn les filosofie op Bowling Green State University. Het heeft bij mij voor een aantal geestverruimende inzichten gezorgd. Onder meer denk ik dat we beter onzeker kunnen zijn over het zekere dan zeker over het onzekere.
Aan de orde in mijn les was René Descartes over de betekenis van zekerheden en onzekerheden. Descartes kennen jullie misschien wel van zijn beroemde uitspraak Cogito Ergo Sum; ik denk dus ik besta. Over alles valt te twisten, is zijn stelling, maar het feit dat we simpelweg niet kunnen twijfelen aan ons eigen bestaan, bewijst dat het echt is. Of dat we in ieder geval van een bestaan kunnen spreken.
We discussieerden wat verder en lieten Descartes even los. Een klasgenoot begon over een vriend van hem die er toch wel heilig van overtuigd was dat de Verenigde Staten het beloofde land voor vrijheid, democratie en veel meer heerlijkheden was. Hij zou nergens anders willen wonen dan in de VS en kon niet begrijpen dat andere Amerikanen daar anders over dachten. Mijn klasgenoot vond dat standpunt niet slim. “How could you be sure about that?” Voor hem is het feit dat de VS het ‘enige’ land is waar je van die heerlijkheden kunt genieten namelijk geen zekerheid. Hij denkt dat er op de wereld plekken zijn waar je misschien wel meer heerlijkheden tegenkomt. Al wist ‘ie niet zo snel waar dat was.
Twee mensen met twee meningen lijnrecht tegenover elkaar. Ze begrijpen elkaars standpunten niet. Ik leek direct meer sympathie te hebben voor mijn klasgenoot dan voor zijn nationalistische vriend. De zoektocht naar de reden daarvan ziet er als volgt uit: simpel gezien zou ik meer sympathie kunnen hebben voor mijn klasgenoot omdat ik ook denk dat er meerdere plekken kunnen zijn met die heerlijkheden, oftewel dat ik het eens ben met een van hen. Toch is dat niet de reden. Ik moet nu dit begrip en de situatie een beetje loslaten om het voor mezelf inzichtelijk te maken. We hebben te maken met twee waarheden: waarheid x (Amerika de enige) en waarheid y (misschien wel een ander land). Zijn ze gelijkwaardig, is de hoofdvraag. Mijn hypothese is: nee.
Waarheid x is namelijk de uitkomst van een som en waarheid y is niet zozeer een uitkomst, maar een vraag dat zelfs waarheid x als antwoord niet uitsluit. Gevoelsmatig zeg ik dan: y is meer waard want het is zo’n beetje hetzelfde als twee van de twee keuzemogelijkheden invullen in een quiz; je gaat altijd met de prijs naar huis. Maar er is nog iets anders aan de hand, want mijn klasgenoot met waarheid y kiest niet en gaat dat misschien wel nooit doen. Ook dat is geen zekerheid. Het enige wat hij doet is de zekerheid van zijn vriend betwijfelen. Niet zijn eigen onzekerheid zeker stellen.
Je kunt niet zeggen dat waarheid x minder waard is omdat hij slechter beredeneerd is en dat over waarheid y wel goed is nagedacht. De redenatie moeten we namelijk buiten beschouwing laten omdat die van zoveel factoren afhankelijk is, dat een oprechte en onpartijdige beoordeling nooit zou kunnen plaatsvinden. De vriend met waarheid x zou dan bijvoorbeeld zeggen: ik heb tien boeken gelezen die allemaal uitwijzen dat de VS het enige land is met zoveel vrijheden in de wereld. Klasgenoot met waarheid y kan daar tegenin brengen: mijn tante woont in Frankrijk en zij ondervindt zelf dat het een fijner land is om in te wonen dan de VS. Oftewel: je hebt talloze criteria, talloze variabelen en ook nog eens talloze interpretaties.
Omdat voor mij zo snel alle deuren dichtgaan die aan zouden kunnen tonen dat waarheid y om wetenschappelijke redenen meer waarde zou verdienen dan waarheid x, ben ik ervan overtuigd dat er een filosofische stelling moet gelden voor het verschijnsel dat ik meer sympathie heb voor waarheid y. Volgens mij moet dat dus zijn: het betwijfelen van zekerheden is beter dan het verzekeren van iemands onzekerheden. Het is dus niet zeker dat alles in de wereld onzeker is. Waarheid x is namelijk niet per definitie onwaar. Het niet kunnen uitsluiten van zekerheden, bewijst hun bestaan. Zoals het niet kunnen uitsluiten (dat is namelijk twijfel) van ons eigen bestaan dat bestaan bewijst. We weten alleen niet wíe we zijn en we weten ook niet wát de zekerheden zijn. Daar zijn we dus onzeker over. Laten we die onzekerheid koesteren en daarmee de zekerheden van een ander te lijf gaan.
Ps. Voorts vind ik het noodzakelijk om aan de immigratieafdelingen van de Verenigde Staten en achterblijvend Nederland duidelijk te maken dat ik geen drugs of anderszins geestverruimende middelen heb gebruikt.


